Sociaal-cultureel volwassenenwerk Amateurkunsten Lokaal Cultuurbeleid Participatiebeleid Circus in Vlaanderen Vlaamse Gebarentaal Internationaal Tewerkstelling Beleidsdocumenten Begroting
Onderzoek
Medailles en Nationale Orden Publicaties

Subsidievoorwaarden


Twee fasen in de subsidiëring die elkaar opvolgen in tijd:

Voorwaarden voor erkenning

De gespecialiseerde vormingsinstellingen moeten voldoen aan een dubbele set van voorwaarden: algemene voorwaarden voor erkenning en criteria voor erkenning van specialiteit.

Algemene erkenningsvoorwaarden

De vormingsinstelling:
  • is een vereniging zonder winstoogmerk (vzw) of een stichting van openbaar nut
  • heeft als doelstelling: educatie bieden vanuit een thema of cluster van nauw verwante thema’s
  • heeft een werking met volgende kenmerken:
    • landelijk karakter
    • bestaat minstens twee jaar
    • actief op het domein van niet-formele educatie: open aanbod dat in autonome levenssfeer van de deelnemer wordt gebracht, kan worden gesubsidieerd
    • minimaal 1 000 uren educatie
  • dient een beleidsplan in
  • beschikt over minimaal één voltijds personeelslid
  • stemt ermee in om alle nuttige en noodzakelijke gegevens over de werking te verstrekken aan de administratie als ernaar wordt gevraagd. De administratie bepaalt de vorm van de gegevens.
  • onderschrijft de principes en de regels van de democratie en van het Europees Verdrag inzake de Rechten van de Mens en zorgt voor toepassing ervan in de werking

Criteria voor de erkenning van de specialiteit

De vormingsinstelling is verplicht:
  • te werken rond een bepaald thema of een cluster van nauw verwante thema’s
  • de maatschappelijke relevantie van het thema of de cluster van thema’s te expliciteren
  • een uitgeschreven visie op de educatieve opdracht te hebben en deze te vertalen naar een educatief aanbod
  • de expertise aan te tonen
  • een netwerk rond het thema te hebben

Per beleidsperiode worden er maximaal 3 nieuwe gespecialiseerde vormingsinstellingen erkend.

Voorwaarden voor subsidie

Algemeen principe:

  • de werking van een gespecialiseerde vormingsinstelling moet vallen onder niet-formele educatie
  • enkel het open aanbod dat in de autonome levenssfeer van de deelnemer wordt gebracht, is voorwerp van subsidie

Uitzonderingen:

  • Ontwikkeling van een programma-aanbod voor kaders en multiplicatoren uit de non-profitsector; die afwijking kan hoogstens twintig percent van de urennorm bedragen, de cultuursector uitgezonderd. Het aanbod is te verantwoorden vanuit het beleidsplan en de operationele doelstellingen en acties van de voortgangsrapporten.
  • Ontwikkeling van een programma-aanbod voor beperkte doelgroepen met een educatieve achterstand die weinig of niet bereikt kunnen worden in een open aanbod en in hun autonome levenssfeer; die afwijking kan hoogstens 40 percent van de urennorm bedragen. Het aanbod is te verantwoorden vanuit het beleidsplan en de operationele doelstellingen en acties van de voortgangsrapporten. De afwijking kan slechts aanvaard worden voor zover de programma’s ook in een open aanbod aan het brede publiek worden aangeboden.

Logo Vlaamse overheid

Alle gesubsidieerde gespecialiseerde vormingsinstellingen moeten het logo van de Vlaamse overheid opnemen in hun publicaties (drukwerk, website...).