Subsidies
Landelijk georganiseerde jeugdverenigingen Cultuureducatieve verenigingen Verenigingen informatie en participatie Politieke jongerenbewegingen Experimentele projecten Projectoproepen Jeugdhuizen Internationale projecten Jeugdverblijfcentra Brede school Organisaties kansengroepen Grootschalige jeugdevenementen Verenigingen met bijzondere opdracht Tewerkstelling
Lokaal en bovenlokaal jeugdbeleid Kadervorming en attesten Vlaams jeugd- en kinderrechtenbeleid Kinderrechten Internationale samenwerking Uitleendienst Kampeermateriaal Begroting Onderzoek Beleidsdocumenten Fiscale aftrek kinderopvang Publicaties Parlementaire vragen en initiatieven

Ouders en jeugdwerk

Opdrachtgever Departement Cultuur, Jeugd, Sport en Media, afdeling Jeugd
Uitvoerder Kenniscentrum Hoger Instituut voor Gezinswetenschappen (Odisee), in samenwerking met de onderzoekseenheid Gezins- en Orthopedagogiek (KULeuven)
Periode januari 2014 - juli 2015
Eindrapport Ouders en jeugdwerk (.pdf) - Bijlage: tabellen bij de responsverdeling (.docx)

06.06.2019 | Meet the parents?! Reflectie-instrument voor begeleiders in het jeugdwerk

Een goede relatie met ouders opbouwen, hoe doe je dat? Voor jeugdwerkers, zowel vrijwilligers als professionals, roepen contact en communicatie met ouders vaak veel vragen op. Om hen daarbij te helpen, ontwikkelden onderzoekers van Odisee de tool "Meet the parents?!", een reflectie-instrument om jeugdwerkbegeleiders in groep te laten stilstaan bij hun relatie met ouders en hoe ze tot een betere dialoog kunnen komen. De tool is het resultaat van een vervolg op het onderzoek "Ouders en jeugdwerk" en kwam tot stand met steun van het Departement Cultuur, Jeugd en Media en in samenwerking met De Aanstokerij en tal van jeugdwerkactoren.

Wil je zelf aan de slag met de tool? Er zijn verschillende train-the-trainersessies in juni en in het najaar op verschillende locaties. Ook een organisatiespecifieke train-the-trainer op maat is mogelijk. Meer info en inschrijven.

Vervolgonderzoek 'Ouders en jeugdwerk'

Ouders zijn niet de enigen die beslissen of een kind al dan niet deelneemt of mag blijven deelnemen aan jeugdwerk, maar ze spelen natuurlijk een belangrijke rol. Het onderzoek Ouders en Jeugdwerk uit 2015 bracht daarom de verwachtingen van ouders en hun betrokkenheid bij het jeugdwerk in kaart. Ouders zijn tevreden, maar hebben al eens zorgen over de omgang en willen gerustgesteld worden. Informatie en communicatie blijkt daarbij cruciaal. Er kwam een vervolgonderzoek, dat dieper inging op hoe jeugdbegeleiders (professioneel of vrijwillig in een diversiteit aan jeugdwerkvormen) de relatie ouders- jeugdwerk ervaren, waar ze op inzetten, wat ze moeilijk vinden, waarvoor ze ondersteuning wensen, enz.

Op basis van de onderzoeksresultaten ontwikkelden de onderzoekers een ondersteuningstool die organisaties helpt om zicht te krijgen op hoe de relatie ouders-jeugdwerk in hun organisatie al dan niet vorm krijgt. De tool ‘Meet the parents?!’ kan ook helpen om (verder) op een constructieve manier die relatie te ontwikkelen en daar maximaal op in te zetten. ‘Meet the parents?!’ is een interactief spel waarin jeugdwerkbegeleiders meer inzicht krijgen in hun contact en communicatie met ouders. De tool laat begeleiders via enkele vragen nadenken over wat zij verwachten van ouders, maar moedigt hen ook aan zich in de plaats van de ouder te stellen, bv. waarom heeft een ouder een bepaalde vraag, waarom vertoont een ouder een bepaald gedrag. Begeleiders worden op weg gezet via een boekje met tips en suggesties uit beide onderzoeken. Op die manier kunnen jeugdwerkingen of begeleiders in groep zoeken naar de beste manier om contact en communicatie met ouders vorm te geven of te verbeteren.

Belangrijkste bevindingen onderzoek 'Ouders en jeugdwerk'

De onderzoekers, Evelyn Morreel (HIG, Odisee), Kristien Nys (HIG, Odisee) en Karla van Leeuwen (KULeuven) bevroegen 787 ouders over de deelname aan het jeugdwerk, hun tevredenheid, hun verwachtingen en hun betrokkenheid bij jeugdwerk.

Ouders hebben in het algemeen een groot vertrouwen in het jeugdwerk en in de begeleiders. Het kind staat daarbij centraal in de kijk van ouders op jeugdwerk. Ouders vinden dus dat jeugdwerk echt een plek mag zijn die helemaal van en voor het kind is. Al geven heel wat ouders zelf wel aan dat ze nood hebben aan meer informatie en communicatie.

Vertrouwen en beeldvorming vormen daarbij uitdagingen. Het jeugdwerk staat voor de opdracht zorgen en vrees van ouders weg te nemen, ouders te overtuigen van de meerwaarde van jeugdwerk, en mogelijks te hoge verwachtingen te doorprikken.

Wat vinden ouders belangrijk ?

  • Quasi alle ouders (om en bij 97%) vinden het (heel) belangrijk dat het kind zich thuis voelt in de organisatie. Helemaal gerust zijn ze daar niet in. 70% van de ouders met een kind in een jaarwerking zou van begeleiders graag meer informatie krijgen over hoe het specifiek met hun kind gaat.
  • Ruim 90% van de ouders hopen dat het jeugdwerk bijdraagt tot het zelfstandig worden van het kind.
  • Om en bij 95% van de ouders heeft graag dat activiteiten aansluiten bij de interesses van hun kind.

Wat zijn de drempels ?

  • Als kinderen niet deelnemen aan jeugdwerk, is dat vooral omdat ze dat zelf niet willen. De helft van de ouders (51%) geeft dat als reden op voor niet-deelname.
  • Jeugdwerk zit ook in concurrentie met andere vrijetijdsactiviteiten. Ze zijn de meest genoemde reden (27%) in de overweging om met jeugdjaarwerking te stoppen. Ze vormen ook een belangrijke drempel om met jeugdwerk te beginnen (29%).

Wat kan er beter?

  • Het merendeel van de ouders (87% of meer) is over het algemeen tevreden over het jeugdwerk. Toch geven behoorlijk wat ouders aan (tot om en bij 40%) één of meerdere aspecten veranderd te willen zien.
  • Bij alle werkvormen (jeugdjaarwerkingen, organisaties voor vakantiekampen, speelpleinwerkingen) komt meer informatie over de activiteiten in de top drie verbeterpunten van ouders voor (30% voor vakantiekampen tot 38% voor speelpleinwerkingen). Inspraak hoeft niet.
  • Specifiek uitgesplitst voor de werkvormen vallen nog volgende werkpunten op:
    • Ten aanzien van speelpleinwerkingen: ruim een derde wil beter (34%) en meer (37%) materiaal en opvang voor en na de activiteiten (32%).
    • Ten aanzien van de organisaties voor vakantiekampen: 36 % van de ouders wil deze graag goedkoper, 27% wil meer (mogelijkheden tot) contact met de begeleiders en 26% wil vervoer van en naar het kamp.
    • Ten aanzien van jeugdjaarwerkingen: 25% wil beter (25%) of meer (29%) materiaal, 24% wil veiliger lokalen (24%).

Doel van het onderzoek

De afdeling Jeugd gaf aan het Hoger Instituut voor Gezinswetenschappen (Odisee) en de onderzoekseenheid Gezins- en orthopedagogiek (KU Leuven) de opdracht om een onderzoek te voeren naar ouders en hun relatie met het jeugdwerk. In het onderzoek stonden drie onderzoeksvragen centraal.

  1. Wat is de houding van ouders tegenover vrijetijdsbesteding in het algemeen en jeugdwerk in het bijzonder? (cf. rol in al dan niet deelname van hun kinderen, verwachtingen t.a.v. jeugdwerk, enzovoort)
  2. Hoe staan ouders tegenover betrokkenheid in het jeugdwerk?
  3. Wat willen ouders, vertrekkend vanuit hun ervaringen, versterkt zien in het jeugdwerk?

Voor het beantwoorden van deze vragen was er expliciete aandacht voor diversiteit: zowel participanten als niet-participanten van diverse vormen van jeugdwerk kwamen aan bod. De ouders die betrokken werden in het onderzoek, moesten bovendien een weerspiegeling zijn van de samenleving. We wilden die ouders bevragen die in de grootste gemeenschappelijke doelgroep van het jeugdwerk vallen, namelijk degenen met kinderen van vijf tot vijftien jaar.

Verloop en methode

Het onderzoek maakte gebruik van een ‘mixed method’ design (Creswell, 2003), waarin een kwalitatieve dataverzameling en kwantitatieve dataverzameling en –analyse werden samengebracht. De onderzoekers kozen voor een getrapt onderzoeksopzet, waarbij ze achtereenvolgens de kwalitatieve methode toepassen om het thema te exploreren in een kleine steekproef (interviews met ouders, jongeren en jeugdwerkers). Daarna wordt de kwantitatieve methode ingezet om uitspraken te kunnen doen over een grotere steekproef. Met deze strategie konden we in een relatief korte periode zowel een verdiepend als een verbredend zicht krijgen op de thematiek.