Subsidies
Lokaal jeugdbeleid Landelijk georganiseerde jeugdverenigingen Cultuureducatieve verenigingen Verenigingen informatie en participatie Politieke jongerenbewegingen Experimentele projecten Projectoproepen Jeugdhuizen Internationale projecten Jeugdverblijfcentra Brede school Organisaties kansengroepen Grootschalige jeugdevenementen Verenigingen met bijzondere opdracht Tewerkstelling
Kadervorming en attesten Vlaams jeugd- en kinderrechtenbeleid Kinderrechten Internationale samenwerking Uitleendienst Kampeermateriaal Begroting Onderzoek Beleidsdocumenten Fiscale aftrek kinderopvang Publicaties Parlementaire vragen en initiatieven

In de kijker

21.09.2016 | Subsidie voor 70 jeugdhuisprojecten

JeugdhuisMinister van Jeugd Sven Gatz besliste om aan 46 jeugdhuizen een personeels- en werkingssubsidie toe te kennen voor de uitvoering van een bovenlokaal project rond artistieke expressie of ondernemerschap. Met de subsidie kunnen de jeugdhuizen medewerkers aanwerven om in 2017 een project uit te werken rond deze thema's. In totaal worden 70 projecten gesubsidieerd.
Overzicht jeugdhuizen en subsidiebedragen - werking 2017 (.pdf)

Aanvragen

De afdeling Jeugd ontving 71 ontvankelijke subsidieaanvragen: 43 voor een artistiek project, 28 voor een project rond ondernemerschap. Bij 62 aanvragen ging het om een subsidieverlenging, bij 9 aanvragen ging het om een nieuw project.

Beslissing

In totaal worden 70 projecten ondersteund: 43 projecten hebben tot doel de artistieke expressie van jongeren te bevorderen, 27 projecten ondersteunen het ondernemerschap van jongeren. Bij 62 projecten gaat het om een verlenging van de subsidie en werking in 2017. Van de 9 nieuwe projectaanvragen worden er 8 aanvaard voor subsidiëring. Het totale toegekende subsidiebedrag is 2.987.900 euro, met een maximum van 45.000 euro per project.

Voor 59 projecten werd het gevraagde subsidiebedrag volledig toegekend. Voor 4 projecten werd het gevraagde subsidiebedrag verminderd: meestal ging het om een vermindering van de loonkosten, die in het aanvraagdossier te hoog waren ingeschat.

Voor de nieuwe projecten kon de gevraagde subsidie niet volledig worden toegekend. Door de voorrangsregel voor verlengingsaanvragen (zoals opgenomen in het uitvoeringsbesluit) bleven er immers onvoldoende middelen over. De nieuwe projecten ontvingen daarom elk een subsidie van 35.000 euro, met uitzondering van 1 project, waarvoor het bedrag werd verminderd.

Doel van de subsidie

Met de subsidie kunnen de jeugdhuizen vanaf 1 januari 2017 een jaarwerking opzetten rond deze thema's. Het gaat telkens om projecten van, voor en met jongeren en het zorgt op korte termijn ook voor een flink aantal nieuwe jobs in de jeugdhuissector. Tegelijk worden de jeugdhuizen uitgedaagd om hun doelgroepen te verbreden en zoveel mogelijk jongeren het jeugdhuis te laten ontdekken.


22.04.2016 | Subsidieregeling jeugdhuizen wordt vereenvoudigd

De Vlaamse Regering keurde op 22 april een aantal wijzigingen aan de subsidieregeling voor jeugdhuizen definitief goed. De wijzigingen hebben vooral tot doel een aantal formele subsidievoorwaarden te versoepelen en zo de administratieve last voor de jeugdhuizen te verlagen. De nieuwe regels treden in werking op 1 juni 2016, wat ook de deadline is voor de indiening van projectaanvragen voor het werkjaar 2017.

De aanpassingen gebeurden na overleg met de jeugdhuissector. Die staat positief tegenover de huidige subsidieregeling, maar had ook aangegeven dat de regelgeving nog voor verbetering vatbaar was. Ook de afdeling Jeugd had al vastgesteld dat bepaalde voorwaarden moeilijk aansloten bij de realiteit van de jeugdhuizen, andere moeilijk controleerbaar waren en nog andere om meer verduidelijking vroegen.

Nieuwe subsidieregeling (.pdf)
(Besluit van de Vlaamse Regering van 5 juli 2013 betreffende de toekenning van subsidies aan jeugdhuizen voor de uitvoering van een bovenlokaal project, zoals gewijzigd)

Welke wijzigingen werden aangebracht en waarom?

Openingsuren en oppervlakte (artikel 2 §1)

  • Het minimale aantal verplichte openingsuren wordt behouden op twintig, maar de spreiding over het totale aantal dagen voor een hele week wordt verminderd van vier naar drie. Het jeugdhuis moet in het weekend nog minimaal vier uur open zijn, in plaats van tien uur.
    Zo beantwoordt deze voorwaarde beter aan de bestaande realiteit.
  • De voorwaarde dat de oppervlakte van het jeugdhuis minimaal 150 m2 moest zijn, wordt geschrapt. Deze voorwaarde werd als niet-relevant beschouwd: de oppervlakte van de ruimte zegt weinig over de kwaliteit van de activiteiten van het jeugdhuis. Om de projecten uit te werken van de projecten wordt vaak een andere, meer geëigende ruimte gekozen dan de ontmoetings- of activiteitenruimte van het jeugdhuis. Het schrappen van deze voorwaarde zorgt voor deregulering en vereenvoudiging.

Algemene voorwaarden (artikel 2 §3)

  • In deze paragraaf worden de algemene voorwaarden opgenomen waaraan een jeugdhuis moet voldoen om te worden gesubsidieerd. Ter verduidelijking wordt toegevoegd dat een jeugdhuis 'op het moment van aanvraag' moet voldoen aan deze voorwaarden.
  • "Het jeugdhuis beschikt over een algemene vergadering van ten minste twintig stemgerechtigde leden waarvan ten minste tien leden jonger zijn dan dertig jaar": de participatie van jongeren in het jeugdhuis blijft een noodzakelijke voorwaarde. Toch stelden we vast dat het voor een aantal grote, sterk geprofessionaliseerde organisaties niet eenvoudig was om meer dan de helft van hun leden van de algemene vergadering uit de doelgroep min dertigjarigen te rekruteren. Daarom werd in samenspraak met de verenigingen beslist om de norm enigszins te verlagen. Het woord 'stemgerechtigd' wordt ter verduidelijking toegevoegd.
  • "Het jeugdhuis beschikt over een voor iedere burger toegankelijk digitaal medium waarmee het jeugdhuis communiceert over de georganiseerde activiteiten, zijn openingsuren en doelstellingen": hier wordt het woord 'website' vervangen door het woord 'digitaal medium'. Een aantal jeugdhuizen maken immers niet langer gebruik van de traditionele website, maar communiceren eerder via andere sociale media.

Voorwaarden op het ogenblik van subsidiëring (artikel 2, §4)

  • Jeugdhuizen die gesubsidieerd worden, moesten volgens het originele besluit op al hun informatiedragers "het logo van de Vlaamse Gemeenschap met het bijschrift 'Met steun van de Vlaamse overheid'" opnemen. Dit logo was onder andere bedoeld om projecten die door Vlaanderen gesubsidieerd worden, kenbaarheid te geven. Met de ontwikkeling van een nieuwe huisstijl voor de Vlaamse overheid werd dit specifieke logo geschrapt. De jeughuizen moeten nu het algemene logo van de Vlaamse Gemeenschap opnemen op alle informatiedragers die gelinkt zijn met het gesubsidieerde project.
  • Nieuwe voorwaarde: "Het jeugdhuis besteedt bijzondere aandacht aan de communicatie over het gesubsidieerde project". Deze voorwaarde wordt toegevoegd omdat het belangrijk is dat projecten effectief weerklank krijgen en er daarom voldoende over gecommuniceerd moet worden.
  • Gemeentelijke extern verzelfstandigde agentschappen worden niet langer uitgesloten van subsidiëring . In het originele besluit was dat wel het geval. Die bepaling (art. 2, §4, 2de lid) wordt dus geschrapt.

Subsidieaanvraag: het aangeven van de samenwerking met andere deskundige actoren (artikel 3, §2)

  • Nieuwe bepaling: "Met de aanvraag voor subsidiëring van een bovenlokaal project geeft het jeugdhuis bovendien aan hoe het samenwerkt met, dan wel ondersteund en begeleid wordt door andere actoren, die ter zake deskundig zijn."
    In het originele besluit wordt de voorwaarde tot samenwerking alleen opgelegd voor de projectaanvragen ' bevordering van de artistieke expressie bij jongeren'. Een daaraan gekoppelde voorwaarde is dat er moet samengewerkt worden met een vereniging die een werkingssubsidie ontvangt op basis van het decreet van 20 januari 2012 houdende een vernieuwd jeugd en kinderrechtenbeleid. We konden echter vaststellen dat samenwerkingen met andere organisaties minstens even zinvol en constructief waren. Nog meer voor de projecten ondernemerschap stelden we vast dat jeugdhuizen nood hebben aan een goede ondersteuning van relevante organisaties en dat we zeker op dit terrein samenwerking moeten stimuleren.

Beslissing door de minister: aanpassing termijn (artikel 6)

  • "De Vlaamse minister, bevoegd voor culturele aangelegenheden, beslist uiterlijk op 15 september van datzelfde jaar". De termijn waarbinnen de minister een beslissing moet nemen, wordt met twee weken verlengd om de uitvoerbaarheid van de regelgeving te verhogen.

Tekst wijzigingsbesluit - definitieve goedkeuring (.pdf)